Voeding, substraat en water, Pagina 3
Lijst van artikelen
Kokossubstraat is een modern kweekmedium dat wordt gemaakt van de vezels en schillen van kokosnoten. Het is verkrijgbaar in veel verschillende vormen en geschikt voor uiteenlopende tuinbouwtechnieken, van traditioneel kweken in potten tot hydrocultuur en grote bewateringssystemen. In deze handleiding helpen we je het juiste type kokossubstraat te kiezen voor je kweekruimte, tuin of kweekkas.
Kokossubstraten zijn een van de veelzijdigste en eenvoudigste kweekmedia die je kunt kiezen. In aarde is het lastig om precies zicht te houden op de pH en de voedingsstoffen in het substraat. In kokos kun je deze twee waarden eenvoudig controleren met EC- en pH-meters en bijstellen met een voedingsoplossing. Kokossubstraten hebben bovendien voldoende buffervermogen en houden water en voedingsstoffen goed vast, waardoor ze minder gevoelig zijn voor fouten dan volledig hydrocultuursystemen. Zo profiteer je van het beste van twee werelden: de zekerheid van een traditioneel kweekmedium en de snelheid en efficiëntie van kweken op hydrocultuur.
DE BELANGRIJKSTE VOORDELEN VAN KWEKEN IN KOKOS
- Neutraal wat betreft pH en voedingsstoffen: Kokosvezels bevatten van nature nauwelijks voedingsstoffen, waardoor je planten heel nauwkeurig kunt voeden. Je geeft planten eenvoudig precies de voedingsstoffen die ze op dat moment nodig hebben. Bovendien kun je de pH in de wortelzone eenvoudig aanpassen zonder de EC te verhogen.
- Optimale drainage: Kokosvezels kunnen tot tien keer hun eigen gewicht aan water vasthouden. In tegenstelling tot bijvoorbeeld kleikorrels en perliet, die water snel afvoeren, houden ze het wortelstelsel van planten langer vochtig, zodat je de planten niet zo vaak hoeft te bewateren. Vergeleken met aarde loopt water juist sneller weg, waardoor je de planten veel vaker kunt bewateren en voeden.
- Gezonde wortelontwikkeling: Kweken in kokossubstraat is zeer gunstig voor de wortels van planten, die sneller groeien en gezonder zijn. Dat komt doordat de vezels veel voedingsstoffen, water en lucht kunnen vasthouden. Wortels zonder toegang tot lucht, bijvoorbeeld in te compacte aarde of een slecht beluchte hydrocultuuroplossing, ontwikkelen zich vaak slecht en lopen risico op schimmelaantasting.
- Minder ongedierte: Veel bodeminsecten en ziekteverwekkers gedijen niet goed in kokos. Kokosvezels bevatten bovendien vaak soorten van de schimmel Trichoderma, die de wortels van planten beschermen tegen andere parasitaire micro-organismen.
- Ecologisch en herbruikbaar materiaal: Kokossubstraten worden gemaakt van restmateriaal en kunnen bovendien meerdere keren worden gebruikt. Dat zorgt voor een aanzienlijke vermindering van de ecologische voetafdruk en de CO₂-uitstoot bij het kweken.
Gebufferde of ongebufferde kokos
Bij het kiezen van kokossubstraat is het belangrijk onderscheid te maken tussen gebufferde en ongebufferde kokos. Bufferen is een voorbereidende behandeling van kokosvezels voordat ze worden gebruikt om planten te kweken. Ruwe kokosvezels bevatten namelijk veel zouten en weinig calcium en magnesium. Tijdens het bufferen worden de vezels geweekt en gespoeld in water met een aangepaste pH. Daarbij worden de kalium- en natriumionen die aan de kokosvezels gebonden zijn vervangen door calcium en magnesium, die planten nodig hebben.
De meeste fabrikanten leveren kokossubstraten als vooraf gebufferde mengsels. Je hoeft ze voor gebruik niet verder te behandelen: je hoeft ze alleen in water of een voedingsoplossing te weken. Als je kokos wilt gebruiken als toevoeging aan aarde die rijk is aan voedingsstoffen en organisch materiaal, hoef je het materiaal niet vooraf te bufferen. Het substraat bevat dan namelijk al voldoende calcium en magnesium.
Soorten kokossubstraat en waarvoor je ze gebruikt
Puur kokossubstraat
Kokossubstraten zonder toevoegingen bestaan uitsluitend uit kokosvezels en -gruis. Ze zijn geschikt als basissubstraat voor binnen- en buitenteelt, zowel op de traditionele manier in potten als op hydrocultuur en met automatische bewateringssystemen. Kokossubstraten bevatten nauwelijks voedingsstoffen, dus die moet je aan de planten geven in de vorm van meststoffen voor kweken in kokos. Kokosvezels zijn ook een uitstekende toevoeging aan tuinbouwsubstraten, omdat ze de water- en luchtcirculatie verbeteren.
Kokossubstraten met perliet of kleikorrels
Kokossubstraten verrijkt met perliet of kleikorrels hebben betere drainerende eigenschappen en helpen voorkomen dat planten te veel water krijgen. Vooral kwekers die in potten kweken, hebben daar baat bij. De gebruikelijke verhouding tussen kokosvezels en de minerale component is in zulke gevallen doorgaans 70% tegenover 30%. Doordat het kweekmedium sneller opdroogt, kun je de planten vaker bewateren.
Geperst kokossubstraat
Geperste kokos, samengeperst tot stevige briketten of blokken, heeft als voordeel dat het de kosten voor opslag en transport verlaagt. Dat is niet alleen voordelig voor verkopers, maar ook voor grootschalige kwekers die veel kweekmedium nodig hebben. Geperst kokossubstraat moet je voor gebruik in water of een bufferoplossing weken, zodat de vezels uitzetten. Daarna kun je het puur gebruiken of mengen met andere toevoegingen, zoals turf, aarde of perliet en kleikorrels.
Kokossubstraatmatten
Kweekmatten met kokossubstraat zijn vooral handig voor kwekers die automatische bewateringssystemen gebruiken. Dankzij de nauwkeurige en gelijkmatige bewatering helpen ze water en gebruikte meststoffen te besparen. Hoewel kweekmatten veel water kunnen vasthouden, bieden ze voldoende drainage en luchttoevoer. Dat bevordert een snelle wortelgroei zonder risico op ziekteverwekkers of schimmels. Kweekmatten kunnen meerdere keren worden gebruikt.
Kokossubstraten met Trichoderma
Een aantal kokossubstraten bevat Trichoderma, een van nature voorkomende nuttige schimmel die zich aan bijna elke omgeving kan aanpassen. Trichoderma-soorten produceren metabolieten die de groei van andere micro-organismen tegengaan. Zo beschermen ze planten tegen parasitaire schimmels en andere ziekteverwekkers. Sommige soorten Trichoderma (T. reesei) produceren grote hoeveelheden cellulase, andere (T. virens) zijn uitstekende mycoparasieten die andere schimmels kunnen parasiteren. Weer andere (T. harzanium) zijn aantoonbaar effectief in de bestrijding van aaltjes.
Kweekzakken met kokossubstraat
Handige potten met kokossubstraat, die meteen klaar zijn voor gebruik, zijn vooral geschikt voor kwekers in kweekkassen en buiten. Ze zijn eenvoudig te gebruiken: je hoeft de kokosvezels niet te weken of te bufferen. Het kokossubstraat is niet samengeperst in de zakken, waardoor het goed draineert en water uitstekend absorbeert. Kweekzakken kunnen meerdere keren worden gebruikt.
Net als elk ander kweekmedium heeft kokos ook nadelen en vraagt het om bepaalde kennis en ervaring. Nu je weet welk type kokossubstraat je moet kiezen en hoe je het gebruikt, kun je aan de slag met kweken.
De verzorging van planten die binnenshuis onder kunstlicht worden gekweekt, is zowel wetenschap als kunst. De sleutel tot succes is niet alleen dat je de basisprincipes beheerst die van invloed zijn op de stofwisseling van planten, maar ook dat je ervaring opdoet door zorgvuldig te observeren. We hebben de meest voorkomende vragen geselecteerd die onze klanten ons stellen en die we vaak tegenkomen bij het water geven van planten. We bespreken de drie meest voorkomende mythes over water geven en leggen uit hoe het werkelijk zit.
Water geven lijkt misschien een eenvoudige taak, maar er bestaan veel mythes over die zowel beginnende als ervaren kwekers in verwarring kunnen brengen. De volgende drie misvattingen behoren tot de meest voorkomende en we horen ze vaak van onze klanten. We weten dat niemand alles meteen weet. Daarom gaan we in de volgende alinea’s uitgebreid in op elk van deze veelvoorkomende misvattingen over water geven.
Mythe 1 – Planten hebben steeds dezelfde hoeveelheid water nodig
Veel kwekers denken dat ze de rest van het werk aan een automatisch bewateringssysteem of een minder ervaren vriend kunnen overlaten zodra ze eenmaal het „juiste” bewateringsschema hebben bepaald. Ze realiseren zich echter niet dat het waterverbruik van planten verandert, afhankelijk van de soort, de groeifase, de omgevingsomstandigheden en het type aarde of kweeksubstraat.
- Plantensoort en groeifase: Verschillende soorten planten die binnenshuis worden gekweekt, kunnen sterk uiteenlopende waterbehoeften hebben. Die hangen samen met hun natuurlijke leefomgeving. Vetplanten en cactussen hebben een lage luchtvochtigheid en minder vaak water nodig dan bijvoorbeeld tropische planten, die zijn aangepast aan een voortdurend vochtige omgeving. Ook de groeifase van de plant speelt een belangrijke rol bij het water geven. Jonge planten die actief groeien, hebben doorgaans meer water nodig dan bloeiende, langzaam groeiende of overwinterende planten.
- Omgevingsomstandigheden: Externe omgevingsfactoren zoals temperatuur, luchtvochtigheid en lichtintensiteit hebben een grote invloed op het waterverbruik van planten. Hogere temperaturen en sterker licht versnellen de verdamping en transpiratie, waardoor planten vaker water nodig hebben. Lagere temperaturen en een lagere lichtintensiteit verminderen juist het waterverbruik. Ook de luchtvochtigheid speelt een grote rol. In een droge omgeving verliezen planten sneller water door verdamping van hun bladeren (transpiratie) en hebben ze vaker water nodig. In een vochtige omgeving verloopt de transpiratie langzamer.
- Type kweekmedium en het waterbergend vermogen van het substraat: Het type kweeksubstraat en het waterbergend vermogen ervan hebben een grote invloed op het bewateringsschema. Tuinbouwsubstraten op basis van aarde en kokossubstraat kunnen veel water vasthouden en hoeven minder vaak water te krijgen. Steenwol, perliet, kleikorrels en andere hydrocultuurmedia hebben vaker water nodig en maken doorgaans deel uit van automatische bewaterings- en hydrocultuursystemen.
Wil je meer weten over de verschillende soorten kweeksubstraten en hun eigenschappen? Lees dan de Gids voor kweeksubstraten.
Mythe 2 – Planten kun je het beste zo vaak mogelijk water geven en het substraat moet voortdurend volledig verzadigd zijn met water
De overtuiging dat planten het beter doen naarmate ze meer water krijgen, zorgt ervoor dat veel kwekers hun planten voortdurend te veel water geven. Te natte grond heeft echter een minstens zo schadelijk effect op planten als een tekort aan water. Een voortdurend met water verzadigd substraat verstikt de wortels, waardoor ze gaan rotten en schimmels zich kunnen vermenigvuldigen en de planten aantasten. Stem de frequentie en hoeveelheid water af op het type kweekmedium en de gekozen fertigatiemethode.
- Tuinbouwsubstraten: Aardemengsels houden vrij veel water vast. Het is geen probleem om het substraat tussen de gietbeurten een beetje te laten opdrogen. De aarde mag niet kurkdroog zijn, maar moet alleen tot ongeveer drie centimeter diep zijn opgedroogd. Als je in kleinere >potten kweekt, kun je de hoeveelheid water in >het substraat inschatten door de pot op te tillen. Planten die in aarde groeien, hoef je doorgaans niet dagelijks water te geven.
- Kokossubstraten: Kweeksubstraten van >kokosvezels hebben op veel punten een beter waterbergend vermogen dan aarde. Ze houden niet alleen veel water vast, maar ook lucht, waardoor ze planten beter beschermen tegen te natte grond. Als je in >kokossubstraat kweekt, is het belangrijk om de planten regelmatig water te geven, zodat het substraat nooit helemaal uitdroogt. De vezels verliezen namelijk hun vermogen om water vast te houden als dat gebeurt.
- Steenwol: Steenwol is een hydrocultuursubstraat van minerale wol, die wordt samengeperst tot kweekblokjes of matten. Het belangrijkste voordeel van dit medium is dat het waterbergend vermogen constant blijft. Daarom is steenwol geschikt voor hydrocultuur, kweken in eb-en-vloedbakken of druppelsystemen.
Twijfel je bij het kiezen van het juiste kweeksubstraat? Lees dan het artikel op onze blog: Aarde- of kokossubstraat? Kies het juiste substraat voor je tuin.
Mythe 3 – Het is belangrijk om de bladeren van planten niet nat te maken wanneer je water geeft
Veel kwekers zijn bang dat ze de bladeren verbranden als ze die nat maken tijdens het water geven, of dat ze zo bijdragen aan de ontwikkeling van schimmels en ziekten. Het klopt dat voortdurend natte bladeren en een constant hoge luchtvochtigheid het risico op meeldauw of botrytis vergroten. Af en toe natte bladeren zijn echter over het algemeen niet schadelijk en kunnen zelfs nuttig zijn. Net als regen in de natuur kun je met water stof en ongedierte van de planten spoelen. Houd je aan de volgende regels als je de planten met water wilt besproeien.
- Zorg voor voldoende luchtcirculatie in de kweekruimte: Als je planten natmaakt, is het belangrijk dat de bladeren zo snel mogelijk opdrogen. Zet de circulatieventilatoren op vol vermogen en houd in >de kweekruimte de temperatuur en luchtvochtigheid gelijkmatig en afgestemd op de groeifase van de planten.
- Gebruik schoon water of een geschikt middel om planten te beschermen: De meeste in water oplosbare meststoffen zijn niet geschikt voor bladvoeding en mogen niet in contact komen met de bladeren. Sommige speciale meststoffen met stikstof vormen hierop een uitzondering, omdat planten stikstof ook via het bladoppervlak kunnen opnemen. Het water waarmee je de planten afspoelt, moet schoon en lauw zijn. Je kunt ook een van de beschermende middelen gebruiken die bedoeld zijn voor regelmatige preventieve behandeling, zoals CannaCure, Athena IPW en andere.
- Spoel de planten ’s ochtends af, voordat je de verlichting inschakelt: LED-kweeklampen geven zeer intens licht af. Waterdruppels kunnen als een vergrootglas werken en de bladeren verbranden. Als je de planten tijdens de lichtperiode moet afspoelen, verlaag dan eerst de intensiteit van het LED-paneel tot het minimum.
Zoek je een natuurlijk middel dat je planten beschermt en tegelijk voedingsstoffen geeft? Probeer dan compostthee, die je zowel als bladbespuiting als bij het water geven kunt gebruiken. Lees meer over compostthee in het artikel op onze blog: Compostthee: microbiële elixers die de bodem in je tuin tot leven brengen.
Kweeksubstraten zijn essentieel voor het succesvol kweken van planten, zowel thuis als in de professionele landbouw. Van traditionele potgrondmengsels tot moderne kokossubstraten en steenwol: elk type kweekmedium heeft specifieke eigenschappen en toepassingen. Ontdek samen met ons de voor- en nadelen van de verschillende kweeksubstraten en vind het meest geschikte substraat voor je planten.
Een kweeksubstraat is een materiaal of mengsel dat bedoeld is voor het kweken van planten en als medium dient dat water, lucht en voedingsstoffen vasthoudt die door de wortels van planten worden opgenomen. Een kweeksubstraat kan bestaan uit organische materialen, zoals aarde, kokosvezels en kleikorrels (geëxpandeerde klei), of uit inerte materialen, zoals perliet, vermiculiet of steenwol (rockwool).
Kokossubstraten
Kweeksubstraten van kokos zijn gemaakt van fijngehakte kokosvezels en de schillen van kokosnoten. Dit kweekmedium combineert de voordelen van grondloze substraten en potgrond, waardoor het veelzijdig inzetbaar is. Kokoskweeksubstraten zijn geschikt voor het kweken in potten met handmatige bewatering of een bewateringssysteem, buiten in plantenbedden en in kassen.
Als je voor kokos als kweekmedium kiest, kun je niet zonder in water oplosbare meststoffen voor het bereiden van een voedingsoplossing voor hydrocultuur. Puur kokossubstraat bevat namelijk van zichzelf geen voedingsstoffen en dient alleen om de wortels houvast te geven. Je moet de planten dus zelf water en voeding geven. Kokossubstraten houden uitstekend water vast en beschermen planten tegelijkertijd tegen te veel water, waardoor dit kweekmedium ook geschikt is voor beginners. Het enige waar je op moet letten, is dat je het kokossubstraat niet volledig laat uitdrogen, omdat het dan zijn vermogen om water vast te houden verliest.
Voordelen: neutrale pH, stimuleert de groei van nuttige bacteriën en schimmels, uitstekend waterhoudend vermogen, veelzijdig inzetbaar
Nadelen: bevat geen voedingsstoffen, mengsels van lage kwaliteit kunnen veel zouten bevatten, sommige kokossubstraten moeten voor gebruik worden gebufferd
Steenwol
Steenwol is minerale wol die wordt gemaakt van gesmolten basaltgesteente en vervolgens in blokjes of matten wordt gevormd. Het resultaat is een inert medium dat uitstekend water en lucht vasthoudt en zeer geschikt is voor kweken op hydrocultuur, het kiemen van zaden en het stekken. Standaardsteenwol is zo gemaakt dat 18% van het volume uit lucht bestaat, zelfs wanneer het volledig is bewaterd. Bovendien droogt minerale wol gelijkmatig op, zodat de plantenwortels voortdurend toegang tot water hebben.
Net als andere grondloze substraten bevat minerale wol geen voedingsstoffen, dus moet je de planten voeden met meststoffen voor hydrocultuur. Steenwol heeft van zichzelf een hoge pH. Daarom moet je de blokjes of matten voor gebruik eerst in een zure oplossing met een pH van 5,5 laten weken. Pas eerst de pH van het water dat je hebt laten staan aan tot de gewenste waarde met behulp van zuur om de pH te verlagen en spoel het medium daarna grondig door. Vanaf dat moment mag de pH van de voedingsoplossing niet hoger zijn dan 6,1, zodat de alkaliteit van de minerale wol wordt gecompenseerd.
Voordelen: inert en steriel substraat, groot vermogen om water en lucht vast te houden, herbruikbaar
Nadelen: kan bij onvoorzichtig gebruik de huid en ogen irriteren, pH-aanpassing noodzakelijk, bevat geen koolstof voor microbieel leven
Kleikorrels
Kleikorrels, ook bekend als LECA, zijn een poreus materiaal dat ontstaat door klei op hoge temperatuur te verhitten. Ze lijken op kleine, lichte kiezels en kunnen worden gebruikt als toevoeging aan aarde in verschillende soorten hydrocultuursystemen (run-to-waste, DWC, NFT, eb en vloed, druppelbewatering) of als medium om planten houvast te geven bij aeroponische teelt.
Als je kleikorrels als zelfstandig kweekmedium gebruikt, moet je alle voedingsstoffen aan de planten geven via het gietwater, in de vorm van in water oplosbare meststoffen. Net als bij steenwol moet je het kweeksubstraat eerst doorspoelen en de pH van de voedingsoplossing gedurende de hele teeltcyclus zorgvuldig controleren.
Voordelen: verteert niet, neutrale pH, houdt water en voedingsstoffen vast, goede beluchting van de wortelzone
Nadelen: voor gebruik doorspoelen, droogt snel uit, lastig op te slaan
Perliet en vermiculiet
Perliet en vermiculiet ontstaan door gesteente op hoge temperatuur te verhitten. Het resultaat is bij perliet een helderwit granulaat van licht gesteente. Vermiculiet heeft een iets fijnere structuur en een okerkleur. Perliet en vermiculiet worden gebruikt als toevoeging aan tuinbouw- en kokossubstraten, bij het kiemen en stekken of als medium bij hydrocultuur met bewateringssystemen.
Perliet en vermiculiet zijn inerte substraten. Je moet de planten daarom alle voeding geven in de vorm van een voedingsoplossing voor hydrocultuur. Vermiculiet verschilt van perliet doordat het meer water en voedingsstoffen vasthoudt en na verloop van tijd verteert. Daardoor kan de pH in de wortelzone iets stijgen. Perliet is duurzamer, verteert niet en beïnvloedt de pH van de wortelzone niet, maar houdt daarentegen nauwelijks water en voedingsstoffen vast.
Voordelen: steriel, een vrijwel of volledig neutrale pH, goede luchttoevoer naar de wortels
Nadelen: niet-hernieuwbare grondstof, irriterend stof, kleine deeltjes kunnen bewateringssystemen verstoppen
Potgrondsubstraten voor de tuin
Potgrondsubstraten voor de tuin zijn traditionele kweekmedia die in allerlei vormen verkrijgbaar zijn. Zaa substraten voor het kiemen van zaden of het stekken, licht bemeste substraten voor de eerste weken van het plantenleven, matig bemeste en sterk voorbemeste substraten of potgrondmengsels die geschikt zijn voor biologische teelt. Tuinsubstraten zijn geschikt voor het kweken in potten met handmatige bewatering of een bewateringssysteem, buiten in plantenbedden en in kassen.
Het belangrijkste voordeel van aarde als kweekmedium is dat deze van nature voedingsstoffen bevat. Fabrikanten kunnen ook meststoffen aan het mengsel toevoegen, die de planten in de eerste weken na het planten van voeding voorzien. Bij het kweken in potgrondsubstraten kun je meststoffen voor kweken in aarde gebruiken, waaronder minerale zouten in de vorm van een voedingsoplossing, poeder of bijvoorbeeld pellets met geleidelijke afgifte. Je kunt ook volledig zonder chemicaliën kweken, met uitsluitend organische meststoffen. Dankzij het grote buffervermogen kunnen potgrondmengsels schommelingen in de pH beter opvangen dan andere substraten. Daarom zijn ze een goede keuze voor beginnende kwekers.
Overzicht van kweeksubstraten
|
|
Aarde en potgrondmengsels |
Kokossubstraten |
Minerale wol (steenwol) |
Kleikorrels |
Perliet |
Vermiculiet |
|
Waterretentie (water vasthouden) |
laag tot hoog (afhankelijk van het mengsel) |
hoog |
hoog |
laag |
laag |
gemiddeld |
|
Porositeit (luchtretentie) |
gemiddeld tot laag (afhankelijk van het mengsel) |
gemiddeld tot hoog |
gemiddeld tot hoog |
hoog |
hoog |
hoog |
|
Voedingsstoffen |
laag tot hoog (afhankelijk van het mengsel) |
geen tot zeer weinig |
geen |
geen |
geen |
geen |
|
Toepassing |
binnen, buiten, bewateringssystemen, minerale en organische meststoffen |
binnen, buiten, bewateringssystemen, minerale en organische meststoffen |
hydrocultuur, kieming, stekken |
hydrocultuur, kieming, stekken, als toevoeging aan aarde |
hydrocultuur, kieming, stekken, als toevoeging aan aarde |
hydrocultuur, kieming, stekken, als toevoeging aan aarde |
Veel kwekers beseffen niet hoe belangrijk de chemische samenstelling is van het water waarmee ze hun planten water geven. Alkaliteit, pH en het gehalte aan opgeloste zouten zijn belangrijke factoren die bepalen of water geschikt is voor de plantenteelt. In dit artikel delen we enkele feiten over water die elke kweker moet kennen om optimale resultaten in de tuin te behalen.
Of je nu in hydrocultuur kweekt of in kweeks substraten, water is een van de basisbronnen die je planten nodig hebben. Maar weinig kwekers weten dat de chemische samenstelling van water in hoge mate bepaalt hoe geschikt het is voor de plantenteelt. De belangrijkste kenmerken van water zijn in dit verband alkaliteit, pH en EC.
Alkaliteit geeft aan in hoeverre water bestand is tegen verzuring en wordt beïnvloed door de concentratie carbonaten (H2₂CO₃) en waterstofcarbonaten (HCO). Ook andere verbindingen hebben invloed op de alkaliteit, zoals hydroxiden, sulfiden, fosfaten, silicaten en boraten, maar die komen doorgaans slechts in zeer kleine hoeveelheden in water voor. Hoe hoger de alkaliteit van water, hoe minder de pH ervan wordt beïnvloed door zure stoffen, zoals in water oplosbare meststoffen met een hoog gehalte aan ammonium of ureum. De pH van water met een lage of geen alkaliteit daalt daarentegen sterk na toevoeging van meststoffen, omdat er niet genoeg buffers aanwezig zijn om de zuren te neutraliseren. Je kunt de alkaliteit van water achterhalen via een laboratoriumanalyse; die wordt doorgaans uitgedrukt in de hoeveelheid CaCO₃ of Ca(HCO₃)₂.
Een alkaliteit boven 150 ppm CaCO₃ wordt als hoog beschouwd. Dergelijk water verhoogt de pH van het substraat. Als de alkaliteit van het water niet te hoog is en tussen 150-250 ppm ligt, kun je dit aanpakken door een meststof te gebruiken die het substraat verzuurt. Dergelijke meststoffen bevatten meer dan 20% van de totale hoeveelheid stikstof in de vorm van ammonium (NH₄+) of ureum (hoe groter het aandeel, hoe zuurder de reactie). Meststoffen die stikstof uitsluitend in de vorm van nitraten bevatten, veroorzaken daarentegen een neutrale reactie.
- Water met een alkaliteit van 60-150 ppm wordt als ideaal beschouwd. Combineer het met meststoffen die 20-30% van de totale hoeveelheid stikstof in de vorm van NH₄+/ureum bevatten.
- Water met een alkaliteit onder 60 ppm heeft weinig buffercapaciteit. Gebruik meststoffen die het grootste deel van de stikstof in de vorm van nitraten bevatten (meer dan 90%) en slechts een kleine hoeveelheid ammonium of ureum.
- Als de alkaliteit van het water extreem hoog is (boven 250 ppm), moet je die eerst verlagen door zuur toe te voegen, tot ongeveer 100 ppm. Combineer het water daarna met meststoffen met een laag gehalte aan ammonium en ureum.
De pH van water geeft de concentratie waterstofionen (H+) en hydroxide-ionen (OH-) aan en is een maat voor de zuurgraad of alkaliteit van een oplossing. We meten de pH op een schaal van 0 tot 14: waarden onder 7 duiden op een zure oplossing, waarden boven 7 op een basische oplossing en pH 7 is neutraal. De ideale pH van water voor bewatering ligt tussen 5 en 7, omdat dit dicht bij de optimale pH-waarde voor de teelt van de meeste plantensoorten ligt (5,8-6,2). De pH is belangrijk omdat de zuurgraad bepaalt hoe beschikbaar voedingselementen zijn voor planten. Bij extreme waarden ontstaan er voedingsproblemen.
- Als je in organische substraten kweekt (aarde, kokos, turf), controleer dan regelmatig de pH van het substraat en houd die tussen 5,5 en 6,5.
- Als je in hydrocultuur kweekt, controleer dan de pH van de voedingsoplossing en houd die voortdurend tussen pH 5,6 en 6,4.

Je kunt de pH van water aanpassen door zuur of base toe te voegen. Om de pH te verlagen, worden meestal salpeterzuur, fosforzuur, zwavelzuur of citroenzuur gebruikt. Citroenzuur is de enige organische van deze zuren en daardoor veiliger in het gebruik. Om de pH te verhogen, gebruik je producten met oplosbaar magnesium of calcium. Neem de tijd wanneer je de pH van water aanpast: voeg het zuur of de base geleidelijk toe en meng en meet de oplossing telkens grondig. Je kunt de pH meten met lakmoespapier, maar als je serieus met kweken bezig bent, loont het om te investeren in een digitale pH-meter.
EC is de afkorting van elektrische geleidbaarheid en geeft aan hoe goed een oplossing elektrische stroom geleidt. Bij de plantenteelt wordt EC gebruikt om de concentratie opgeloste zouten (ionen) te bepalen in water of in de voedingsoplossing die planten gebruiken. Deze opgeloste zouten bevatten mineralen en voedingsstoffen, zoals stikstof, fosfor, kalium, calcium, magnesium en andere. Voor het meten van EC gebruik je digitale EC-meters of gecombineerde EC- en pH-meters.
Hoe lager de EC van water dat je gebruikt om planten water te geven, hoe beter, vooral als je meststoffen met minerale zouten gebruikt. Door meststoffen toe te voegen, stijgt de EC van het water. Een te hoge zoutconcentratie kan ervoor zorgen dat de oplossing de wortels van planten verbrandt. Dit is te zien aan verbrande bladpunten (overbemesting). Regenwater, gedestilleerd water en water dat is gefilterd met een omgekeerde-osmosefilter bevatten geen opgeloste zouten en hebben een EC van 0 mS/cm. Kraanwater bevat altijd opgeloste zouten; de EC ervan hangt af van de regio.
- Als de EC van het water dat je gebruikt om planten water te geven hoger is dan 1 mS/cm (vóór toevoeging van meststoffen), moet je het eerst filteren met omgekeerde osmose of mengen met gedestilleerd water, in een verhouding waarbij de EC-waarde onder 0,5 mS/cm komt.
- Water met een EC van 0,5 – 1 mS/cm (vóór toevoeging van meststoffen) kun je gebruiken om planten water te geven en in hydrocultuursystemen. Na verloop van tijd kunnen zich echter zouten ophopen in het substraat, waardoor je het vaker met schoon water moet doorspoelen.
Wil je meer lezen over moderne methoden voor de plantenteelt? Bezoek dan onze blog.
Een stikstoftekort uit zich in een trage plantengroei, waarna de plant geel verkleurt tot lichtgeel. Deze symptomen kunnen helaas ook worden veroorzaakt door allerlei andere negatieve invloeden, zoals stilstaand water, bodemziekten of aaltjes, enzovoort.
Hoe herken je of er daadwerkelijk sprake is van een stikstoftekort (deficiëntie)?
- Eerst verkleuren de oudere bladeren geelgroen, van boven naar beneden
- Na verloop van tijd bereikt de vergeling de onderkant van het blad en verspreidt deze zich ook naar de bladnerven
- Vervolgens stopt de groei en vallen de aangetaste bladeren af
- Een paarse / roodachtige stengel
Een stikstoftekort herken je aan gele (gelige) bladeren: als de opname van dit element door de wortels beperkt is, verdwijnt het chlorofyl (belangrijk voor de fotosynthese) uit de bladeren. Dit gebeurt eerst in de oudere bladeren, onderaan de plant. De plant haalt stikstof uit deze bladeren en transporteert het naar jonge bladeren en andere plekken waar het nodig is voor verdere groei. Uiteindelijk stopt de groei van de plant en vallen de bladeren af. Bij sommige planten, zoals kool, verkleuren de bladeren paars in plaats van geel. Door een stikstoftekort blijven planten en hun vruchten aanzienlijk kleiner. Een plant met een stikstoftekort is veel vatbaarder voor schade door ziekten en insecten. Deze symptomen kunnen helaas ook worden veroorzaakt door allerlei andere negatieve invloeden, zoals stilstaand water, bodemziekten en aaltjes (nematoden).
Oorzaken van een tekort
Een stikstoftekort kan verschillende oorzaken hebben:
- Een teveel aan kalium, zink en mangaan in de bodem of het substraat.
- Een te grote hoeveelheid chloriden in de bodem
- De bodem of het substraat bevat te weinig stikstof
- Een te hoge pH in de wortelomgeving (rond de wortels)
- Een verstoord wortelstelsel door beschadiging, ziekten of lage bodemtemperaturen
- Stikstof is goed oplosbaar en spoelt daardoor gemakkelijk uit de bodem, wat een tekort kan veroorzaken
Hoe voorkom je een stikstoftekort?
Een stikstoftekort wordt meestal niet meteen zichtbaar; je moet dus even wachten voordat de symptomen optreden. Tijdens perioden van zware stress of snelle groei is de plant gevoeliger voor tekorten. Het is zeker de moeite waard om na te gaan of je de juiste meststoffen gebruikt. Betere meststoffen bevatten namelijk meer dan voldoende stikstof en kunnen zo gedurende de hele groeiperiode voor een goede voeding van de plant zorgen.
Door basisvoeding te gebruiken, die alle basisbestanddelen van NPK bevat (stikstof N, fosfor P en kalium K), verklein je de kans op een stikstoftekort. Houd er altijd rekening mee dat abiotische factoren, zoals temperatuur, lichtintensiteit, zuurgraad, vochtigheid en windkracht, ook een aanzienlijke invloed kunnen hebben op tekorten aan elementen.
Hoe pak je een elementtekort aan?
Als je gelige bladeren aan je planten opmerkt, kun je dit verhelpen door meststoffen met een hoog stikstofgehalte toe te dienen. Je kunt voedingsstoffen ook buiten de wortels om toedienen, rechtstreeks op het blad, met bladmeststoffen.
Welke functie heeft stikstof in de plant?
Stikstof is onmisbaar voor de plant. De plant heeft stikstof nodig voor de aanmaak van chlorofyl, dat essentieel is voor de fotosynthese. Stikstof is een bestanddeel van aminozuren, waaruit vervolgens eiwitten worden gevormd die nodig zijn voor alle processen in planten. In het algemeen kun je dus zeggen dat stikstof de groei van planten bevordert, zorgt voor een hogere kwaliteit van de bladeren en vruchten en daarnaast bijdraagt aan een grotere oogst.
Voor beginnende tuiniers en kwekers kan het lastig zijn om uit het ogenschijnlijk onoverzichtelijke aanbod in de winkel de juiste meststoffenlijn te kiezen. Ongeschikte plantenvoeding kan al je inspanningen voor de teelt immers vaak in gevaar brengen. We leggen uit hoe NPK-meststoffen werken, welke informatie je op het etiket vindt en hoe je het juiste product kiest voor jouw kweekruimte, kas of tuin.
Bij het kweken gebruiken de meeste tuiniers meststoffen om hun planten van voedingsstoffen te voorzien. Dat komt doordat bij de meeste tuinbouwmethoden, van binnenteelt onder kunstlicht tot tuinen in de buitenlucht, het substraat na verloop van tijd uitgeput raakt en dan niet meer voldoende voedingsstoffen bevat voor een gezonde ontwikkeling van de planten.
Wat zijn NPK-voedingsstoffen?
Alle planten hebben in totaal 17 voedingselementen nodig om te leven. Op drie na (zuurstof, koolstof en waterstof) nemen ze die allemaal op uit de bodem, het kweekmedium of de voedingsoplossing. De wortels nemen in totaal 14 elementen op, die we verder indelen op basis van hun belang voor de plantenvoeding.
- Primaire (macrobiogene) voedingsstoffen (stikstof, fosfor, kalium, zwavel, calcium en magnesium) verbruiken planten in de grootste hoeveelheden. Een tekort leidt tot ernstige groeistoornissen of sterfte.
- Micronutriënten (chloor, ijzer, boor, mangaan, zink, koper, molybdeen en kobalt) zijn maar in kleine hoeveelheden nodig, maar ook een tekort aan micronutriënten kan planten veel schade toebrengen.
In de praktijk zien we dan ook vooral dat planten regelmatig drie essentiële voedingselementen via meststoffen moeten krijgen: stikstof (N), fosfor (P) en kalium (K).
Het belang van NPK voor de ontwikkeling en gezondheid van planten
De behoefte aan NPK-voedingsstoffen verschilt per plant en hangt af van de leeftijd en soort, de klimaatomstandigheden en de teeltmethode. Houd met al deze factoren rekening voordat je begint met bemesten. Het is belangrijk om meststoffen te gebruiken die NPK-voedingsstoffen in de juiste hoeveelheden en verhoudingen bevatten. Doe je dat niet, dan kunnen je planten tekorten aan voedingsstoffen krijgen, of kun je ze overbemesten en letterlijk verbranden door een teveel aan minerale zouten in het substraat.
- Stikstof (N): Planten hebben stikstof vooral nodig voor de aanmaak van chlorofyl, de groene kleurstof die onmisbaar is voor fotosynthese. Stikstof is ook een bestanddeel van plantaardige aminozuren en eiwitten. Een stikstoftekort herken je aan vergelende bladeren en een vertraagde groei. Planten nemen stikstof het best op in de vorm van nitraten die in water zijn opgelost. Aanbevolen meststoffen om stikstof toe te dienen zijn organische visemulsie of meststoffen voor de vegetatieve groei.
- Fosfor (P): Fosfor is belangrijk voor de voortplantingsfasen van planten en de vorming van celstructuren. Een fosfortekort herken je aan donkerder wordende bladeren en kleinere bloemen. Planten nemen fosfor het best op in de vorm van anorganische fosfaten die in water zijn opgelost. Aanbevolen meststoffen om fosfor toe te dienen zijn vleermuisguano en meststoffen voor de ondersteuning van de bloei.
- Kalium (K): Kalium is essentieel voor de vorming van bloemen en vergroot de weerstand van planten tegen ziekten. Een kaliumtekort herken je aan verbrande bladranden en een vertraagde groei. Planten nemen kalium het best op in de vorm van kaliumzouten die in water zijn opgelost. Aanbevolen meststoffen zijn meststoffen voor de ondersteuning van de bloei, PK-boosters en palmas.
Een NPK-meststof kiezen
Op de verpakking van elke meststof vind je een aantal basisgegevens die je helpen precies te bepalen waarvoor de betreffende formule geschikt is en wat die bevat.
- De drie cijfers met een streepje ertussen (bijvoorbeeld 2-1-2) geven het gehalte aan primaire voedingsstoffen stikstof (N), fosfor (P) en kalium (K) aan. De volgorde van de elementen staat vast (N-P-K) en de cijfers geven het percentage van elk element in de totale hoeveelheid meststof weer.
- Een gedetailleerde chemische analyse geeft doorgaans meer informatie over de samenstelling van het product, noemt andere voedingselementen in de meststof en vermeldt hun minimale gehalte in het product.
- Een lijst van de zouten waaruit de voedingsstoffen in de meststof zijn verkregen. Die bevat nuttige informatie voor wie meststoffen van verschillende fabrikanten wil combineren. Sommige vormen van minerale zouten kun je namelijk niet zomaar mengen zonder dat ze neerslaan. Daarom zitten sommige meststoffen ook in meerdere afzonderlijke flessen.
- Op de doseertabellen staat hoe vaak en in welke hoeveelheid je de meststoffen moet doseren. Als je net begint met kweken, kun je het best de aanwijzingen van de fabrikant zo nauwkeurig mogelijk volgen en geen verschillende merken mengen.
Lees ook: Droge of vloeibare meststoffen: wat is beter voor binnenteelt?
Hoe kies je de juiste NPK-meststof voor elke groeifase?
Eenjarige planten doorlopen tijdens het teeltseizoen twee belangrijke fasen: de vegetatieve (groei)fase en de generatieve (bloei)fase. Naarmate ze van de ene fase naar de andere overgaan, verandert hun behoefte aan voedingsstoffen. Over het algemeen geldt dat planten tijdens het eerste deel van hun leven, in de vegetatieve groeifase waarin ze nieuwe wortels, bladeren en stengels vormen, de meeste stikstof nodig hebben. Tijdens de bloei neemt hun behoefte aan fosfor toe. Kalium nemen ze doorgaans tijdens de hele groeicyclus in een gelijkmatige hoeveelheid uit de bodem op.
Fabrikanten van meststoffen leveren bij hun producten doseertabellen die precies aangeven wanneer en in welke hoeveelheid je moet bemesten. Het zijn echter slechts aanbevelingen. Een ervaren kweker moet ook andere factoren kennen die van invloed zijn op het verbruik van voedingsstoffen, zoals het gebruikte kweekmedium, de temperatuur en andere klimaatomstandigheden, de manier en frequentie van water geven en de specifieke eigenschappen van het ras.
- Meststoffen voor de vegetatieve groei
- Meststoffen voor de bloeifase
- Meststoffen voor groei en bloei
Lees ook: Meststoffen voor de groei: waarvoor worden ze gebruikt en hoe gebruik je ze?
Kweek biologisch! Hoe zorg je voor een oogst van BIO-kwaliteit? Dat is helemaal niet ingewikkeld. Vermijd synthetische meststoffen en vervang chemische middelen voor gewasbescherming door volledig organische producten. Voor indoor- en outdoor-kwekers en alle liefhebbers van biologische landbouw hebben we handige tips en informatie. Ook veganisten komen aan hun trekken, dus lees snel verder!
Planten en vruchten van BIO-kwaliteit hebben een bijzondere geur en smaak. Zoals ze zeggen: dat is echt een wereld van verschil. Hetzelfde geldt voor het gehalte aan waardevolle stoffen, zoals vitamines die goed zijn voor je gezondheid.
Als je thuis in een growbox of in een kas (of minikas) kweekt, heb je de BIO-kwaliteit vanaf het begin volledig zelf in de hand, en dat meteen.

Het is belangrijk om vooraf te vermelden dat je er rekening mee moet houden dat het even duurt voordat alle natuurlijke processen in de bodem zich volledig hebben hersteld, als je in de tuin kweekt en daar tot nu toe bepaalde hoeveelheden chemicaliën hebt gebruikt. In dat geval is het een goed idee om tuincompost te gebruiken als bron van organisch materiaal.
Biologisch kweken met respect voor moeder natuur wordt steeds populairder. Bovendien levert het kwekers over de hele wereld allerlei voordelen op, waaronder een hogere voedingswaarde van de geoogste kruiden en gewassen.
Organische meststoffen
Wil je je vrienden kunnen vertellen dat je een oogst van BIO-kwaliteit hebt en er volop van genieten? Doe dan geen concessies. Gebruik uitsluitend hoogwaardige, gecertificeerde organische meststoffen. Deze producten bevatten geen pesticiden, kunstmatige geurstoffen, kleurstoffen of conserveermiddelen. Je vindt ze ook in ons assortiment. Je herkent ze eenvoudig aan de naam, zoals de 100% natuurlijke meststoffen uit de reeks BIOCANNA.
TIP: 100% VEGAN
De meststoffen uit de reeks BioNova Veganics voor de groeifase en de bloeifase zullen alle veganistische kwekers volledig tevredenstellen.
Organische substraten
Als je kiest voor biologische landbouw, stem je daar ook je keuze van substraten op af. Er is bijvoorbeeld veel vraag naar het licht voorbemeste potgrondsubstraat van het merk BioNova, dat tot de absolute top op het gebied van organische producten behoort!

Ter informatie: deze biologische grondmix van BioNova is zo populair onder kwekers dat de fabrikant niet genoeg klassieke verpakkingen zoals die op de afbeelding hierboven kan drukken. Daarom vervangt de fabrikant ze door witte zakken, wat wordt gecompenseerd met een lagere prijs. BioNova is razend populair. Op Higarden.cz wordt dat nog versterkt doordat we op alle substraten in ons assortiment 10% korting garanderen bij aankoop van 50 st. en gratis palletvervoer door het hele land bij aankoop van ten minste 20 st.
Organische additieven en gewasbescherming
Het is duidelijk hoe snel de populariteit van milieuvriendelijke producten en activiteiten groeit. Kwekers kunnen daarom gemakkelijk niet alleen geschikte meststoffen en substraten kiezen, maar ook een booster of een wortelstimulator die aan hun normen voldoet. Een goede stimulator kan bovendien zelfs planten nieuw leven inblazen die stress hebben ondervonden en er niet al te best aan toe zijn.
Bij biologisch kweken hoef je je op het gebied van gewasbescherming tegen ziekten en plagen helemaal niet te beperken — en dat zou ook niet verstandig zijn. Het kan ook zonder chemicaliën!
Wist je dat je ook een biologisch pesticide kunt gebruiken? Naast de andere geweldige producten van BioNova heeft ook dit zeer effectieve reinigingsmiddel een plek in ons assortiment.
TIP: BIO ALL INCLUSIVE
Als je aan je eerste teeltcyclus begint zonder chemicaliën of zelfs dierlijke producten te gebruiken, kun je je keuze binnen de hierboven genoemde categorieën vereenvoudigen en biologisch kweken uitproberen met een voordelige set met alle producten die je nodig hebt totdat je de eerste vruchten van je volledig organische inspanningen oogst.
Als je net hebt besloten om te beginnen, zal de natuur je dankbaar zijn en kun je je nu al verheugen op de unieke essentie van je eigen BIO-voedingsmiddelen. Aarzel niet om ons om advies te vragen, bijvoorbeeld via het bekende adres info@higarden.eu, zodat je je biologische teelt onder controle hebt en er voldoening en plezier aan beleeft. We staan voor je klaar!
- BioNova-grondmix
- 100% natuurlijke meststoffen BioNova Veganics
- Biocanna
- BIO-gewasbescherming
- Biocanna Rhizotonic
Op de markt voor producten voor indoor en outdoor tuinieren zijn allerlei bodemverbeteraars verkrijgbaar. Het aanbod is zo groot dat een beproefde hulp bij het kiezen zeker van pas komt: een toevoeging aan substraten die kwekers van elk niveau vaak gebruiken.

- Laten we eerst de basisvraag uit de titel van dit artikel beantwoorden: met vermiculiet bedoelen we een natuurlijk mineraal, oftewel een gesteente dat wereldwijd wordt gewonnen.
- Een traditioneel Tsjechisch product van Grena: deze vermiculiet is afkomstig uit Zuid-Afrika.
- Je ruikt vermiculiet niet. Het heeft geen geur en stinkt niet. Het is een zuiver mineraal dat geschikt is voor veelzijdig gebruik en om aarde effectief te verrijken, net zoals andere toevoegingen vaak worden gebruikt, bijvoorbeeld perliet, waarvoor het ook een volwaardig alternatief is.
- Een belangrijke eigenschap van vermiculiet is dat het veel water opneemt en dit vervolgens geleidelijk aan de plantenwortels afgeeft. Tuiniers waarderen dit steriele mineraal vooral op hete zomerdagen.
- Naast water houdt vermiculiet ook voedingsstoffen uitstekend vast en geeft deze geleidelijk af. Die voegen we aan de bodem toe met meststoffen.
- Door vermiculiet aan de bodem toe te voegen, gebruik je meststoffen efficiënter en verlaag je het waterverbruik!
- Een ander voordeel van vermiculiet is de grote weerstand tegen schimmel.
- Een andere bijzondere eigenschap van vermiculiet is dat het volume toeneemt naarmate de temperatuur stijgt. Met andere woorden: bij verhitting zet het uit. Van deze eigenschap wordt gebruikgemaakt tijdens het productieproces, waarbij vermiculiet een proces van exfoliatie ondergaat en daardoor steriel wordt.
- In tegenstelling tot vergelijkbare minerale stoffen bevat vermiculiet geen asbest.
- Dit gesteente is populair in de tuinbouw, omdat het in de praktijk tegelijkertijd perliet, zand en turf kan vervangen. Bovendien voorziet het planten van magnesium, calcium en allerlei andere sporenelementen.
- We noemden hierboven al dat vermiculiet vooral nuttig is tijdens hete zomermaanden. In deze periode vormen niet alleen droogte en hitte een bedreiging voor het wortelstelsel van planten; ook de intensiteit van het zonlicht mag je niet vergeten. Hetzelfde geldt voor indoorteelt, bijvoorbeeld in een kweektent, waar de kweekruimte wordt gevuld met straling van een krachtige bron van kunstmatige verlichting. Vermiculiet werkt als een natuurlijke isolator. Door het aan de bodem toe te voegen, voorkom je dat planten verbranden en bescherm je met name hun wortels.

Praktische toepassingen van vermiculiet:
- Toevoeging aan substraten voor kamerplanten. Kweek je kamerplanten? Meng dan vermiculiet door het substraat in een verhouding van 30% vermiculiet en 70% substraat.
- Het kiemen van zaden. Bij het kiemen kun je vermiculiet ook zonder andere toevoegingen gebruiken.
- Stekken. Je kunt vermiculiet op zichzelf gebruiken of in een verhouding van 1:1 door het substraat voor stekken mengen.
- Hydrocultuur. Ook in hydrocultuur kun je vermiculiet probleemloos op zichzelf gebruiken. Je kunt eventueel ook 75% vermiculiet mengen met 25% zand of steentjes.
- In kassen, plantenbakken of tuinbedden wordt vermiculiet meestal in een verhouding van 1:1 door het passende type aarde gemengd.
- Fruit bewaren. Vermiculiet is natuurlijk en steriel. Daarom kun je een laag vermiculiet van 2-5cm aanbrengen onder vers geoogst fruit.
- Vermiculiet wordt op basis van de deeltjesgrootte doorgaans ingedeeld in 5 klassen. Voor gebruik in de tuinbouw, waar vermiculiet ook in de bouw veel wordt toegepast, is de klasse MEDIUM het meest gangbaar.
- Tot slot zetten we de belangrijkste voordelen van het mengen van vermiculiet door het substraat nog even op een rij:
- Bescherming van het wortelstelsel tegen verbranding en ziekten
- Minder kosten voor water en meststoffen
- Geen chemische toevoegingen
- Verrijking van de bodem met belangrijke stoffen (Mg, Ca, sporenelementen)
Heb je vragen over het gebruik van vermiculiet of wil je advies bij het kiezen van een geschikt substraat? Onze experts helpen je graag via het vertrouwde adres info@higarden.eu.
We raden ook deze producten aan:
- Tuindersvermiculiet van het Tsjechische bedrijf Grena (vanaf 99 Kč)
- BioNova Bio Soilmix 50L (vanaf 279 Kč)
- Beluchte bloempotten HERCULES (vanaf 49 Kč)
Wat kun je nog meer lezen?
Kokossubstraten kun je zonder al te veel problemen voor twee of zelfs drie teeltrondes gebruiken. Bekijk stap voor stap hoe je dat doet.
Kokossubstraat is erg populair bij indoor kwekers vanwege de specifieke eigenschappen. Om te beginnen houdt het veel meer water vast dan aarde, zonder dat het luchtig wordt. Het is ook geliefd omdat het steriel is: ziekteverwekkers gedijen er niet goed in en het bevat geen voedingsstoffen, zodat je precies weet wat je planten tot hun beschikking hebben.
Door het substraat opnieuw te gebruiken, bespaar je geld en belast je het milieu minder. Je kunt planten rechtstreeks in het gebruikte substraat zetten of het eerst mengen met gloednieuw kweekmedium. Je kunt kokossubstraat blijven gebruiken totdat de vezels beginnen af te breken. Daarna verliest het een groot deel van zijn vermogen om water vast te houden en ondersteunt het de plantenwortels minder goed.
Een paar tips vooraf
Om te beginnen moet je alles verwijderen wat is achtergebleven in het kokos na de vorige teeltcyclus. Haal eerst alle plantenresten weg, dus alle blaadjes, stengels en worteltjes. Wil je er zeker van zijn dat er niets meer in het substraat zit? Dan raden we aan een enzymatisch middel te gebruiken, dat helpt bij de afbraak van afgestorven biomassa.
Na een zeer succesvolle oogst mogen er geen meststoffen in het substraat achterblijven. Spoel het grondig uit met mineraalvrij water om te voorkomen dat je planten te veel zouten binnenkrijgen. Ander water kan het probleem juist verergeren. Gebruik bij voorkeur water uit een omgekeerde-osmoseapparaat of gedestilleerd water. Controleer voor de zekerheid ook de EC en pH van het substraat.
Ook in een gesloten kweektent kunnen ziekten en ongedierte problemen veroorzaken. Voor de zekerheid kun je het substraat vóór een nieuwe teeltronde het beste desinfecteren. We hebben goede ervaringen met een oplossing van waterstofperoxide (2 ml / 1 l water), waarin je het substraat gewoon laat weken. Daarna moet je het kweekmedium opnieuw uitspoelen. Ook hoge temperaturen doden ziekteverwekkers en larven van ongedierte effectief. In de praktijk wordt vooral een bad met kokend water gebruikt en, als je partner het goed vindt, een oven die tot minstens 100 °C is voorverwarmd.
Je kunt het gerevitaliseerde substraat zonder problemen gebruiken voor volwassen, gezonde planten. Leg bij stekken en zaailingen een laag nieuw kokos rond de jonge wortels. Aan de rand van de pot kun je gerust het oude substraat gebruiken. Een beproefde methode is om oud kokos vóór het verpotten met nieuw kokos te mengen.
Als het kokos al uit elkaar valt in je handen, de vezels kort zijn en duidelijk minder water vasthouden, hoef je het niet meteen weg te gooien. Ook in dit stadium van afbraak kun je het nog gebruiken: pas het aan volgens onze handleiding en gebruik het om de eigenschappen van de aarde in je buitentuin te verbeteren.
Hoe recycle je kokossubstraat?
- Verwijder alle plantenresten; alle oude worteltjes moeten weg
- Spoel het substraat minstens drie keer uit met water (bij voorkeur RO-water of gedestilleerd water). We raden aan om 2-3 liter water per 10 liter substraat te gebruiken
- Steriliseer het substraat met waterstofperoxide (35%-oplossing, 2 ml / 1 l water) of kokend water
- Heb je peroxide gebruikt? Spoel het substraat dan nog een keer uit
Waar moet je op letten?
- Had je tijdens de laatste teeltcyclus last van ongedierte of ziekten? Gebruik het substraat dan niet opnieuw.
- We raden aan om in een schone omgeving te werken. Was je handen of gebruik schone handschoenen.
- Door het substraat te steriliseren, verwijder je alles, ook de nuttige micro-organismen. Sla deze stap daarom niet over, maar voeg daarna Trichoderma en andere nuttige micro-organismen aan het substraat toe.
- Peroxide is bijtend. Ga er voorzichtig mee om en gebruik het alleen in goed geventileerde ruimtes.
- Steriliseren met warmte kan een onaangename geur veroorzaken.
- Het substraat in de oven steriliseren zonder dit met je partner te overleggen, kan tot een scheiding leiden.
- Wil je oud substraat met nieuw substraat mengen? Dan raden we aan dat te doen voordat het helemaal uitdroogt.
Heb je tijdens het lezen van dit artikel vragen gekregen? Neem dan gerust contact met ons op via info@higarden.eu.
We raden aan:
- BioNova Cocomix Plus - hoogwaardig kokossubstraat
- Plangron Purezym - een uitstekende bron van enzymen
- Plant Success Orca - voegt nuttige schimmels en bacteriën toe aan het substraat
Meer artikelen:
Iedere beginnende kweker staat voor de keuze hoe hij zijn planten gaat bemesten. Organische meststoffen zijn milieuvriendelijk en vragen minder werk, terwijl minerale meststoffen snel werken en je volledige controle geven over de voeding van je planten. We nemen de belangrijkste verschillen tussen organische en synthetische meststoffen met je door en helpen je bij het maken van een keuze.
Organische meststoffen worden gemaakt van materialen van organische oorsprong, zoals compost, mest, beendermeel en dergelijke. Synthetische meststoffen worden daarentegen verkregen door chemische reacties die door mensen worden aangestuurd, bijvoorbeeld met ammoniak, fosfaatmineralen of lucht als grondstof. Synthetische meststoffen bevatten een precieze hoeveelheid en verhouding van voedingsstoffen, in een vorm die snel beschikbaar is voor planten, voornamelijk als minerale zouten. Organische meststoffen bevatten daarentegen voedingsstoffen die eerst door micro-organismen in de bodem moeten worden afgebroken voordat planten ze via hun wortels kunnen opnemen. Dit proces verloopt langzamer, maar heeft als voordeel dat de bodem op de lange termijn gezond blijft. Het gebruik van minerale meststoffen leidt namelijk tot het afsterven van belangrijke micro-organismen, waardoor de bodem op de lange termijn haar vermogen tot herstel verliest. Voordat we bekijken welke meststof het meest geschikt is voor je tuin, zetten we de belangrijkste voor- en nadelen van organische en synthetische meststoffen op een rij.
Organische meststoffen: voor- en nadelen
- Milieuvriendelijk: Organische meststoffen verbeteren de bodemstructuur, ondersteunen nuttige micro-organismen en vervuilen waterbronnen minder.
- Duurzaam: Ze zijn afkomstig uit hernieuwbare bronnen en passen bij milieuvriendelijke teeltmethoden.
- Verbeteren de bodemgezondheid: Langdurig gebruik van organische meststoffen verrijkt de bodem, waardoor deze vruchtbaarder wordt en beter bestand is tegen invloeden van buitenaf.
- Werken langzaam: Bij het gebruik van organische meststoffen zijn de voedingsstoffen niet direct beschikbaar voor planten.
- Volume en opslag: Organische meststoffen worden in grotere hoeveelheden gebruikt en kunnen volumineuzer zijn dan synthetische meststoffen.
- Geur: Sommige organische producten, zoals dierlijke mest, guano of vismeel, kunnen sterk en onaangenaam ruiken.
Synthetische meststoffen: voor- en nadelen
- Werken snel: Synthetische meststoffen werken direct. Dat is ideaal om tekorten aan voedingsstoffen aan te pakken of bij intensieve teeltmethoden.
- Nauwkeurig bemesten: Minerale meststoffen zijn eenvoudig te doseren en je kunt de voeding makkelijk afstemmen op de specifieke behoeften van je planten.
- Geschikt voor hydrocultuur: Minerale zouten zijn geschikt voor het bereiden van voedingsoplossingen en ideaal voor hydrocultuur en teelt zonder aarde.
- Risico's voor het milieu: Onzorgvuldig en overmatig gebruik van minerale meststoffen tast de bodem aan en zoutresten kunnen naar de omgeving uitspoelen.
- Aantasting van de bodem: Herhaald gebruik kan het bodemleven verstoren en zo de bodemgezondheid op de lange termijn verminderen.
- Niet milieuvriendelijk geproduceerd: De winning van grondstoffen en de productie van synthetische meststoffen hebben een schadelijke invloed op het milieu.
Organische meststoffen: de ideale hulp bij buitenteelt
Organische meststoffen komen het best tot hun recht bij buitenteelt, bijvoorbeeld in borders, maar ook in kassen. Sommige soorten organische meststoffen, vooral vloeibare formules, kun je ook gebruiken bij de teelt in potten. Houd er wel rekening mee dat ze langzamer werken dan minerale zouten. Voor een optimale werking moeten deze meststoffen worden gebruikt in grond met een hoog gehalte aan organisch materiaal en micro-organismen die de afbraak van voedingsstoffen versnellen. Veelgebruikte organische meststoffen zijn compost, guano en vermicompost. Je kunt ook compostthee en vloeibare meststoffen van organische oorsprong gebruiken, zoals BioBizz. Houd bij de keuze en het gebruik van meststoffen altijd rekening met het type planten dat je wilt kweken en met het seizoen. Voeg compost of mest altijd in de herfst toe aan de border, zodat het organische materiaal voldoende tijd heeft om af te breken. Ontstaan er tijdens de teelt tekorten aan voedingsstoffen, dan kun je het probleem snel oplossen door minerale meststoffen toe te dienen. Houd er wel rekening mee dat je de bodem op de lange termijn met organisch materiaal moet verrijken.
Synthetische meststoffen: nauwkeurige plantenvoeding
Synthetische meststoffen zijn een uitstekend hulpmiddel bij binnenteelt en overal waar planten niet op een natuurlijke manier kunnen worden gekweekt. Ze zijn ideaal voor de teelt in potten, maar bij zorgvuldig gebruik kun je ze ook in de volle grond toepassen. Je kunt ze gebruiken in combinatie met grondmixen of verschillende soorten kweekmedia zonder aarde, zoals kokos, perliet of kleikorrels. Minerale meststoffen worden ook gebruikt om voedingsoplossingen voor hydrocultuur te bereiden. Houd er rekening mee dat planten, in tegenstelling tot bij organische meststoffen, de voedingsstoffen uit de grond of het substraat heel snel verbruiken. Daarom moet je ze bij elke gietbeurt bemesten. Bij het gebruik van synthetische meststoffen is het belangrijk om de pH van het substraat en eventueel ook de EC van de voedingsoplossing te controleren met een digitale EC- en pH-meter. Kies minerale meststoffen op basis van de actuele behoeften van je planten. Over het algemeen hebben planten tijdens de groei meer stikstof nodig, terwijl ze tijdens de bloei en rijping meer kalium verbruiken. De meeste producenten van minerale meststoffen labelen hun producten als „grow” (groei) en „bloom” (bloei). De hoeveelheid voedingsstoffen kun je ook aflezen aan de verplichte NPK-verhouding op het etiket. Gebruik bij hydrocultuur speciale meststoffen voor gebruik bij hydrocultuur.
Bemesting en plantenvoeding zijn complexe onderwerpen waar iedere kweker zich grondig in moet verdiepen. Wil je meer weten? Bezoek dan onze Higarden-blog. Daar leggen we je uitgebreid uit hoe je planten op de juiste manier bemest en wat je kunt doen als je tijdens de teelt tegen problemen aanloopt.