Drogen en narijpen – op weg naar een heerlijke oogst
Wanneer je als kweker eindelijk rijpe bloemen oogst, is dat een moment van voldoening – en tegelijk breekt een van de belangrijkste fasen van het hele seizoen aan. De smaak, geur en werking van het eindproduct hangen af van de manier waarop je de oogst droogt en laat rijpen. Een paar fouten kunnen maanden werk tenietdoen. Hoe droog en laat je de oogst rijpen, zodat het resultaat de moeite waard is?
Wat stel je je voor bij kwalitatief hoogwaardig droogmateriaal? Een sterke werking, een uitgesproken aroma of een zachte smaak? Waarschijnlijk alles tegelijk. Deze eigenschappen zijn te danken aan cannabinoïden, terpenen en andere stoffen die in de plant worden gevormd en in de trichomen worden opgeslagen. Om ervoor te zorgen dat het plantmateriaal er zoveel mogelijk van behoudt, moet je de oogst zorgvuldig verwerken. Goed drogen en vervolgens veredelen (curing) bepaalt namelijk of je oogst naar fruit of naar nat hooi ruikt.
Verschillende manieren van drogen
De eerste stap naar een geslaagde oogst is voorzichtig en langzaam drogen. Het gaat er namelijk niet alleen om het plantmateriaal te drogen, maar ook om dat zo te doen dat er zoveel mogelijk werkzame stoffen in het droogmateriaal behouden blijven. Die zitten in de trichomen: microscopisch kleine klieren op het oppervlak van bloemen, bladeren en stengels waarin cannabinoïden en terpenen ontstaan. Bij een ruwe behandeling breken de kopjes van de trichomen af en vallen ze als een fijn poeder, dat op hars lijkt, van de bloemen. De trichomen op de bloemen zijn het waardevolst: daarin vind je de grootste hoeveelheid actieve stoffen en ze bevatten meer monoterpenen dan de trichomen op bladeren en stengels.
Hoe meer je met de planten werkt, hoe meer trichomen je tijdens het drogen verliest. Het voorzichtigst is om alleen de verdorde en gele bladeren van de planten te verwijderen en ze in hun geheel, met de kroon naar beneden, op te hangen om te drogen. Zo drogen ze langzaam, wat belangrijk is omdat kruiden die te snel drogen terpenen verliezen en bitter smaken. De optimale droogtijd is ongeveer 7 tot 21 dagen bij een temperatuur van 16–20 °C en een relatieve luchtvochtigheid van 55%. In die tijd moet het plantmateriaal ongeveer 70–80% van zijn gewicht verliezen.
Tijdens het drogen bestaat er altijd een risico dat je oogst gaat schimmelen. Dit risico is vooral groot bij grote buitenplanten of planten die al door schimmel zijn aangetast. Verwijder in dat geval vóór het drogen alle grote bladeren van de planten. Zo verbeter je de luchtcirculatie rond de bloemen. De bloemen drogen iets beter als je de planten in afzonderlijke takken verdeelt. Je kunt de bloemen eventueel ook in kleinere stukken verdelen en op droognetten drogen. Vergeet niet om eerst de kleine bloemblaadjes te verwijderen (nat trimmen).
Misschien vind je dit interessant: Zo oogst je de geurigste buitenplanten
|
|
Temperatuur |
Relatieve luchtvochtigheid |
|
Hele planten drogen |
18–20 °C |
50–55% |
|
Drogen aan takken zonder grote bladeren |
16–19 °C |
50–55% |
|
Drogen op droognetten |
16–19 °C |
55–65% |
Je droogruimte inrichten
De ruimte waarin je kruiden droogt, moet goed geventileerd en volledig verduisterd zijn. Licht tast cannabinoïden en terpenen aan. Luchtcirculatie is belangrijk om te voorkomen dat het plantmateriaal vochtig wordt en gaat schimmelen. Heb je thuis geen geschikte ruimte, dan kun je kruiden drogen in een kweektent met een ingeschakelde afzuigventilator.
Houd tijdens het drogen de temperatuur en luchtvochtigheid in de droogruimte voortdurend in de gaten met een thermohygrometer. Loopt de luchtvochtigheid te hoog op, dan is een luchtontvochtiger de beste oplossing. Je hoeft daarop alleen de gewenste luchtvochtigheid in te stellen. Droog je in een kweektent, zet de luchtontvochtiger dan in de ruimte met de kweektent en niet erin. Zo voorkom je dat de warme lucht de kruiden te snel droogt.
Goed gedroogde bloemen voelen droog aan, zijn een beetje buigzaam en breken gemakkelijk van de steel af. Als je de kruiden gemakkelijk tussen je vingers kunt verkruimelen, zijn ze te droog. Dat is niet ideaal, maar er is nog iets aan te doen. Leg je het droogmateriaal een of twee dagen in een ruimte met een hogere luchtvochtigheid (meer dan 65%), dan neemt het weer een deel van het vocht op. Controleer de bloemen ongeveer elke 6 uur.
Misschien vind je dit interessant: FERMBAG: een revolutie in drogen
Trimmen en curing
Heb je dit niet tijdens de oogst gedaan, dan moet je de planten na het drogen ontdoen van de overgebleven bladeren, vooral van de kleine blaadjes rond de bloemen (droog trimmen). Trimmen is priegelwerk. We raden je aan om daarvoor een scherpe schaar met veer en een scherpe punt te gebruiken. Ook wegwerphandschoenen komen van pas, want de hars van sommige medicinale planten kan de huid irriteren. Doe ook ontsmettingsalcohol in je winkelwagen om je gereedschap en handen schoon te maken.
In theorie kun je gedroogde en getrimde bloemtoppen meteen gebruiken, maar je kunt de kwaliteit van het gedroogde plantmateriaal nog verbeteren. Curing (veredeling) is een techniek waarbij je het droogmateriaal enkele weken tot maanden onder gecontroleerde omstandigheden laat rijpen. In die tijd verspreidt het resterende vocht zich gelijkmatig door het droogmateriaal en verliest het plantmateriaal een deel van het chlorofyl, dat bitter smaakt.
Curing gebeurt meestal in glazen of metalen potten die je luchtdicht kunt afsluiten. Vul de potten voor ongeveer driekwart met de getrimde bloemen, zodat er nog wat ruimte overblijft voor lucht. Je kunt er een zakje voor luchtvochtigheidsregeling bij doen, zodat het rijpingsproces onder optimale omstandigheden verloopt. Bewaar het materiaal dat aan het rijpen is tot slot op een donkere plek met een stabiele temperatuur van 15–18 °C.
Afhankelijk van de cultivar en je persoonlijke voorkeuren kun je het droogmateriaal enkele weken tot maanden laten rijpen. Open de potten in de eerste week elke dag en laat het droogmateriaal eenmaal per dag ongeveer 20–30 minuten luchten. Let daarbij wel op de luchtvochtigheid in de omgeving. Als het buiten regent, kan de luchtvochtigheid binnenshuis ook oplopen tot 70–85%, en het droogmateriaal neemt vocht heel snel op. Bij regenachtig weer kun je daarom het beste vóór het openen van de pot de ruimte afsluiten van de buitenlucht en de luchtvochtigheid meten in de ruimte waar je de pot met het materiaal dat rijpt gaat openen. Roer de bloemen in de pot vóór het sluiten voorzichtig om met een schoon hulpmiddel, zodat er frisse lucht bij alle bloemen komt. In de tweede week van het rijpingsproces volstaat het om de potten twee tot drie keer te openen. Laat het droogmateriaal de daaropvolgende weken en maanden minstens eenmaal per week luchten.
Bezoek voor meer tips en handleidingen over legale teelt onze Higarden-blog voor beginnende en ervaren kwekers.