Problemen bij lage temperaturen en waarom je ze koste wat kost beter kunt vermijden
De winter staat voor de deur en voor indoor kwekers betekent dat maar één ding: het stookseizoen begint. Voldoende hoge temperaturen zijn essentieel voor een snelle en gezonde groei van planten. Kou brengt juist allerlei problemen met zich mee, van tragere groei tot problemen met de voeding en schimmel. Waarom kun je lage temperaturen beter vermijden en welke verwarming kun je het beste aanschaffen voor je kweektent of kweekruimte?
Meestal wordt ervan uitgegaan dat de optimale temperatuur in de kweekruimte tussen 22–28 °C ligt wanneer de lampen branden en dat deze in het donker een paar graden lager is. Dit is natuurlijk geen universeel optimum. Bij intensieve verlichting, hoge transpiratie of CO₂-suppletie kunnen planten bijvoorbeeld ook bij hogere temperaturen uitstekend groeien. Te veel kou heeft daarentegen altijd een negatieve invloed op planten die je binnen kweekt. Bij lage temperaturen vertragen de stofwisselingsprocessen in planten, waarvan een snelle groei en gezonde ontwikkeling afhankelijk zijn. Een langdurig koude omgeving leidt tot problemen met de opname van voedingsstoffen en de groei, en verhoogt het risico op schimmelvorming.
Misschien vind je dit interessant: Wat zijn de ideale omstandigheden voor indoor kweken
Wat gebeurt er met planten als de temperatuur te laag wordt?
Planten groeien niet meer: Het belangrijkste voordeel van indoor kweken is dat planten snel groeien. Hebben ze echter niet genoeg warmte, dan vertragen enzymatische reacties en andere processen die planten nodig hebben om nieuw weefsel aan te maken. Ook de fotosynthese verloopt trager en planten kunnen de energie van kweeklampen niet efficiënt benutten.
Koude wortels nemen water en voedingsstoffen minder goed op: In een koude omgeving vertonen planten vaak voedingstekorten, ook al zitten er voldoende voedingsstoffen in het substraat of de voedingsoplossing. Dat komt doordat de wortels in de kou langzamer werken. De optimale temperatuur in de wortelzone is ongeveer 20–24 °C in aarde en 18–22 °C in een hydrocultuurvoedingsoplossing.
Het substraat droogt langzaam op: Het eerste probleem dat je merkt wanneer de temperatuur daalt, is meestal dat het substraat langzaam opdroogt. Dat komt doordat planten minder transpireren en er tegelijkertijd minder water uit het substraat verdampt. Een langdurig vochtige omgeving belemmert de ademhaling van de wortels en verhoogt het risico op wortelrot. Minder opgenomen water betekent ook minder voedingsstoffen, waardoor planten langzamer groeien.
Een hogere luchtvochtigheid en condensatie vergroten het risico op schimmel: Een koudere omgeving brengt vaak problemen met de luchtvochtigheid met zich mee. Als de temperatuur snel daalt, bijvoorbeeld wanneer de lampen uitgaan, condenseert het vocht uit de lucht op de planten, net als ochtenddauw buiten. Vochtige bladeren vormen een ideale omgeving voor echte meeldauw, botrytis en andere schimmels die planten aantasten.
Zo houd je de temperatuur in de kweekruimte voldoende hoog
Het spreekt waarschijnlijk voor zich dat geen enkele indoor kweekruimte zonder een goede thermometer met hygrometer kan. Apparaten met een geheugenfunctie zijn ideaal, omdat ze de hoogste en laagste gemeten waarde opslaan. Lees deze waarden elke dag af, noteer ze en wis het geheugen. Na een paar dagen krijg je een goed beeld van niet alleen de hoogste en laagste temperaturen, maar ook van de schommelingen daartussen. Ook dat is belangrijk. Over het algemeen wordt aangeraden dat het verschil tussen de dag- en nachttemperatuur niet groter is dan 5 °C.
Je hebt verschillende mogelijkheden als je verwarming voor je kweekruimte kiest:
Buisverwarming kun je in de kweektent bij de planten plaatsen. Je kunt dit type verwarming het beste op de grond leggen, zodat de wortelzone wordt verwarmd en de warme lucht opstijgt. Buisverwarming is het meest geschikt voor kleine en middelgrote kweektenten.
Heteluchtverwarming is bedoeld voor grotere kweekruimtes. Plaats deze niet vlak bij planten. Als je in een kweektent kweekt, kun je de verwarming het beste in de ruimte met de kweektent zetten, niet in de tent zelf. Heeft de verwarming die je hebt gekozen geen ingebouwde thermostaat, dan raden we je aan een stekkerthermostaat aan te schaffen.
Warmtematten zijn bedoeld voor het kiemen van zaden en het stekken. Sommige zaden kiemen namelijk het beste bij temperaturen die iets hoger liggen dan de kamertemperatuur. Chili is daar een typisch voorbeeld van, maar zeker niet het enige.
Naast verwarming kun je de temperatuur in de kweekruimte ook verhogen met energiezuinige methoden, zoals het toevoeren van warme lucht uit een ander deel van het huis, isolatie of het vervangen van led-lampen door HPS-gasontladingslampen die meer warmte afgeven. We hebben het winterklaar maken van je indoor kweekruimte uitgebreid behandeld in het artikel Winter is coming: maak je kweektent klaar voor de winter. Meer tips en handleidingen voor kwekers vind je op de blog van Higarden, waar we elke week verse informatie over indoor- en outdoorteelt delen.