We ontkrachten mythes over plantenteelt: planten water geven

a_a_a_a_a_COVERSOKRAJEMTEPLOMERODe verzorging van planten die binnenshuis onder kunstlicht worden gekweekt, is zowel wetenschap als kunst. De sleutel tot succes is niet alleen dat je de basisprincipes beheerst die van invloed zijn op de stofwisseling van planten, maar ook dat je ervaring opdoet door zorgvuldig te observeren. We hebben de meest voorkomende vragen geselecteerd die onze klanten ons stellen en die we vaak tegenkomen bij het water geven van planten. We bespreken de drie meest voorkomende mythes over water geven en leggen uit hoe het werkelijk zit.

Water geven lijkt misschien een eenvoudige taak, maar er bestaan veel mythes over die zowel beginnende als ervaren kwekers in verwarring kunnen brengen. De volgende drie misvattingen behoren tot de meest voorkomende en we horen ze vaak van onze klanten. We weten dat niemand alles meteen weet. Daarom gaan we in de volgende alinea’s uitgebreid in op elk van deze veelvoorkomende misvattingen over water geven.

Mythe 1 – Planten hebben steeds dezelfde hoeveelheid water nodig

Veel kwekers denken dat ze de rest van het werk aan een automatisch bewateringssysteem of een minder ervaren vriend kunnen overlaten zodra ze eenmaal het „juiste” bewateringsschema hebben bepaald. Ze realiseren zich echter niet dat het waterverbruik van planten verandert, afhankelijk van de soort, de groeifase, de omgevingsomstandigheden en het type aarde of kweeksubstraat.

  • Plantensoort en groeifase: Verschillende soorten planten die binnenshuis worden gekweekt, kunnen sterk uiteenlopende waterbehoeften hebben. Die hangen samen met hun natuurlijke leefomgeving. Vetplanten en cactussen hebben een lage luchtvochtigheid en minder vaak water nodig dan bijvoorbeeld tropische planten, die zijn aangepast aan een voortdurend vochtige omgeving. Ook de groeifase van de plant speelt een belangrijke rol bij het water geven. Jonge planten die actief groeien, hebben doorgaans meer water nodig dan bloeiende, langzaam groeiende of overwinterende planten.
  • Omgevingsomstandigheden: Externe omgevingsfactoren zoals temperatuur, luchtvochtigheid en lichtintensiteit hebben een grote invloed op het waterverbruik van planten. Hogere temperaturen en sterker licht versnellen de verdamping en transpiratie, waardoor planten vaker water nodig hebben. Lagere temperaturen en een lagere lichtintensiteit verminderen juist het waterverbruik. Ook de luchtvochtigheid speelt een grote rol. In een droge omgeving verliezen planten sneller water door verdamping van hun bladeren (transpiratie) en hebben ze vaker water nodig. In een vochtige omgeving verloopt de transpiratie langzamer.
  • Type kweekmedium en het waterbergend vermogen van het substraat: Het type kweeksubstraat en het waterbergend vermogen ervan hebben een grote invloed op het bewateringsschema. Tuinbouwsubstraten op basis van aarde en kokossubstraat kunnen veel water vasthouden en hoeven minder vaak water te krijgen. Steenwol, perliet, kleikorrels en andere hydrocultuurmedia hebben vaker water nodig en maken doorgaans deel uit van automatische bewaterings- en hydrocultuursystemen.

Wil je meer weten over de verschillende soorten kweeksubstraten en hun eigenschappen? Lees dan de Gids voor kweeksubstraten.

 

Mythe 2 – Planten kun je het beste zo vaak mogelijk water geven en het substraat moet voortdurend volledig verzadigd zijn met water

De overtuiging dat planten het beter doen naarmate ze meer water krijgen, zorgt ervoor dat veel kwekers hun planten voortdurend te veel water geven. Te natte grond heeft echter een minstens zo schadelijk effect op planten als een tekort aan water. Een voortdurend met water verzadigd substraat verstikt de wortels, waardoor ze gaan rotten en schimmels zich kunnen vermenigvuldigen en de planten aantasten. Stem de frequentie en hoeveelheid water af op het type kweekmedium en de gekozen fertigatiemethode.

  • Tuinbouwsubstraten: Aardemengsels houden vrij veel water vast. Het is geen probleem om het substraat tussen de gietbeurten een beetje te laten opdrogen. De aarde mag niet kurkdroog zijn, maar moet alleen tot ongeveer drie centimeter diep zijn opgedroogd. Als je in kleinere >potten kweekt, kun je de hoeveelheid water in >het substraat inschatten door de pot op te tillen. Planten die in aarde groeien, hoef je doorgaans niet dagelijks water te geven.
  • Kokossubstraten: Kweeksubstraten van >kokosvezels hebben op veel punten een beter waterbergend vermogen dan aarde. Ze houden niet alleen veel water vast, maar ook lucht, waardoor ze planten beter beschermen tegen te natte grond. Als je in >kokossubstraat kweekt, is het belangrijk om de planten regelmatig water te geven, zodat het substraat nooit helemaal uitdroogt. De vezels verliezen namelijk hun vermogen om water vast te houden als dat gebeurt.
  • Steenwol: Steenwol is een hydrocultuursubstraat van minerale wol, die wordt samengeperst tot kweekblokjes of matten. Het belangrijkste voordeel van dit medium is dat het waterbergend vermogen constant blijft. Daarom is steenwol geschikt voor hydrocultuur, kweken in eb-en-vloedbakken of druppelsystemen.

Twijfel je bij het kiezen van het juiste kweeksubstraat? Lees dan het artikel op onze blog: Aarde- of kokossubstraat? Kies het juiste substraat voor je tuin.

 

Mythe 3 – Het is belangrijk om de bladeren van planten niet nat te maken wanneer je water geeft

Veel kwekers zijn bang dat ze de bladeren verbranden als ze die nat maken tijdens het water geven, of dat ze zo bijdragen aan de ontwikkeling van schimmels en ziekten. Het klopt dat voortdurend natte bladeren en een constant hoge luchtvochtigheid het risico op meeldauw of botrytis vergroten. Af en toe natte bladeren zijn echter over het algemeen niet schadelijk en kunnen zelfs nuttig zijn. Net als regen in de natuur kun je met water stof en ongedierte van de planten spoelen. Houd je aan de volgende regels als je de planten met water wilt besproeien.

  • Zorg voor voldoende luchtcirculatie in de kweekruimte: Als je planten natmaakt, is het belangrijk dat de bladeren zo snel mogelijk opdrogen. Zet de circulatieventilatoren op vol vermogen en houd in >de kweekruimte de temperatuur en luchtvochtigheid gelijkmatig en afgestemd op de groeifase van de planten.
  • Gebruik schoon water of een geschikt middel om planten te beschermen: De meeste in water oplosbare meststoffen zijn niet geschikt voor bladvoeding en mogen niet in contact komen met de bladeren. Sommige speciale meststoffen met stikstof vormen hierop een uitzondering, omdat planten stikstof ook via het bladoppervlak kunnen opnemen. Het water waarmee je de planten afspoelt, moet schoon en lauw zijn. Je kunt ook een van de beschermende middelen gebruiken die bedoeld zijn voor regelmatige preventieve behandeling, zoals CannaCure, Athena IPW en andere.
  • Spoel de planten ’s ochtends af, voordat je de verlichting inschakelt: LED-kweeklampen geven zeer intens licht af. Waterdruppels kunnen als een vergrootglas werken en de bladeren verbranden. Als je de planten tijdens de lichtperiode moet afspoelen, verlaag dan eerst de intensiteit van het LED-paneel tot het minimum.

Zoek je een natuurlijk middel dat je planten beschermt en tegelijk voedingsstoffen geeft? Probeer dan compostthee, die je zowel als bladbespuiting als bij het water geven kunt gebruiken. Lees meer over compostthee in het artikel op onze blog: Compostthee: microbiële elixers die de bodem in je tuin tot leven brengen.